Direkt zum Inhalt
Pohl Boskamp Pohl Boskamp Logo



Motiv
 


Het hart

Het hart, het klopt maar door en door …..

Ons hart klopt voortdurend, 100.000 keer per dag en pompt daarmee 10.000 liter bloed door ons lichaam – dag in dag uit, elke dag van ons leven. Dit is een ongelofelijke prestatie als je beseft dat dit totaal automatisch gebeurt, zonder een duidelijke aandrijfkracht.
Maar wat gebeurt daarbinnen nu precies?
Onze bloedsomloop ziet eruit als een straat met een vorm van een getal 8. Als u op deze manier naar onze bloedsomloop kijkt, zit ons hart (de meest belangrijke spier in het lichaam) op het kruispunt van deze straat, gevormd als een 8. Met het hart dat werkt als een pomp wordt bloed langs “verkeersaders” en bloedvaten door het hele lichaam vervoerd. Het werkt zo ……

Omgeven door een zakje, pericardium genoemd, is het hart in de lengte verdeeld door een scheidingswand van spieren (het septum) in een rechter- en een linkerhelft. Elk van deze helften is dan weer verdeeld in een bovengedeelte (atrium) en ondergedeelte (ventrikel). Deze vier delen zijn onderling verbonden door speciale “deuren”, kleppen genoemd, die ervoor verantwoordelijk zijn de bloedstroom in één richting te sturen.
Via de rechterventrikel pompt het hart bloed dat van het lichaam terug stroomt (op dat moment “opgebruikt” en zuurstofarm) in de longen. Hier neemt het bloed zuurstof uit ingeademde lucht op en stroomt terug naar de linker kant van het hart. Het bloed, nu zuurstofrijk en helder rood als gevolg daarvan, wordt dan via de hoofdslagader van het lichaam (aorta) in de circulatie gepompt. Aftakkingen van de aorta, slagaders, voorzien vervolgens onze verschillende organen van zuurstofrijk bloed.
Opgebruikt bloed (zuurstofarm) vloeit terug naar de rechter hartkamer via onze aderen. En zo begint de kringloop opnieuw, vanaf het begin. Natuurlijk zijn er ook bloedvaten die het hart van zuurstofrijk bloed voorzien. Deze zijn bekend als kransslagaders.

Hoe functioneert het hart zelf?

Het hart werkt als een ritmische pomp. Elke samentrekking van de hartspier is bekend als systole, terwijl elke herstelfase of rustperiode diastole wordt genoemd. De sinusknoop is verantwoordelijk voor het regelmatig pompen van het hart. Deze zendt meetbare electrische impulsen uit die – via een speciaal geleidingssysteem – alle delen van het hart bereiken en garanderen dat ze goed gecoördineerd samenwerken. Deze functie kan onderzocht worden door middel van een electrocardiogram (ECG).
De polsfrequentie is ook afhankelijk van het aantal impulsen dat de sinusknoop uitzendt. Elke hartslag brengt een schokje in het lichaam teweeg dat gevoeld kan worden als een “pols” in de slagaders, speciaal bij de pols of de halsslagader. Gemiddeld slaat het hart 60-80 keer per minuut (bij volwassenen); bij kinderen is deze snelheid hoger. Wat betreft de totale functie van het hart is het niet alleen belangrijk hoe vaak het hart slaat of hoeveel bloed het rondpompt, maar ook de druk waarmee bloed door de bloedvaten wordt gepompt. Dit is bekend als bloeddruk. Om een duidelijker beeld te krijgen controleren artsen altijd twee waarden als ze de bloedruk meten, en wel en “boven-” en een”onder”waarde. De druk is het hoogst als het hart zich samentrekt (systole) omdat, wanneer dit gebeurt, het hart meer bloed in de circulatie stuwt, waardoor de bloeddruk omhoog gaat. Vandaar dat deze “boven” druk waarde ook bekend is als systolische bloeddruk. In de rustfase (diastole) neemt de druk weer af, waardoor deze “lagere” waarde de benaming “diastolische bloeddruk” krijgt.